Hier onder de tekst van het voorstel van B&W, wat inmiddels is aangenomen:

 

B&W-voorstel

Agendanr.

:

 

 

Reg.nr.

:

09.09545

 

 

 

 

 

 

 

Onderwerp: Kampeerbeleid

 

 

 

 

 

 

 

1)       Status

 

 

Het voorstel heeft betrekking op het uitoefenen van de collegebevoegdheden zoals gedefinieerd in artikel 160 Gemeentewet.

 

 

2)       Samenvatting

 

De wet op de openluchtrecreatie is per 1 januari 2008 ingetrokken. In deze wet was onder andere het kamperen geregeld.
et kampeerbeleid dient vanaf dat moment door de gemeente zelf vastgesteld te worden. Voorgesteld wordt het kamperen
in de stad te reguleren voor kampeerterreinen in de bestemmingsplannen en het kamperen buiten kampeerterreinen in de
Algemene Plaatselijke Verordening.

 

 

 

3)       Inleiding

 

De wet op de openluchtrecreatie ( WOR) is met ingang van 1 januari 2008 ingetrokken. Hierin was o.a. geregeld:
de exploitatievergunning en inrichtingseisen voor een camping en procedureaanvragen voor het aanvragen van een vergunning.

In het kader van het terugdringen van de wettelijke regelgeving is besloten het beleid met betrekking tot kamperen aan de
gemeenten over te laten. De wetgever is van mening dat het stellen van regels voor de inrichting overbodig is omdat dit aan de
exploitant van het kampeerterrein kan worden overgelaten. De gemeente kan nadere regels opnemen in het betreffende bestemmingsplan.

 

 

4)       Inhoud

 

§         Probleemstelling + korte toelichting:

Door het intrekken van de Wet op de Openluchtrecreatie dient de gemeente een afweging te maken of men op basis van nadere
regels in het bestemmingsplan het kamperen in de stad gaat reguleren of dat men een afzonderlijk kampeerbeleid vast stelt.
Onderstaand wordt ingegaan op de vraagstukken die geregeld moeten worden voor het verblijf in kampeereenheden in de stad..

§         Wijze van aanpak / oplossingsrichting:

 

- Locaties campings

Op dit moment worden vele bestemmingsplannen herzien. Bij deze herziening zal worden bekeken in hoeverre de reeds aanwezige
kampeerterreinen moeten worden herbestemd en de eventuele regels moeten worden herzien.

Tevens zullen er in het bestemmingsplan buitengebied mogelijkheden worden opgenomen om in aan te wijzen gebieden het kamperen
bij de boer toe te staan. Hiervoor zullen in de plan nadere regels worden opgenomen waaronder het aantal kampeereenheden en de kampeerperiode.

 

Gebruik van de openbare ruimte in het kader van kamperen.

In de algemene Politieverordening zijn een aantal zaken geregeld met betrekking tot het stallen en plaatsen van kampeermiddelen in de openbare ruimte.

1. Art. 96 van de APV – het maximaal drie dagen mogen laten staan van een kampeermiddel

op de openbare weg c.q. in de openbare ruimte

2. art. 18 APV het plaatsen van voorwerpen i.c. kampeermiddelen op de openbare weg.

 

Voorgesteld wordt om wanneer omstandigheden daar aanleiding voor geven nadere regels in de APV op te nemen voor een verbod op:

- het slapen in de openbare ruimte;

- het slapen in een caravan/camper in de openbare ruimte.

 

Incidentele toestemming voor kamperen op gemeentelijk terrein.

Voor aanvragen voor het incidenteel kamperen door groepen op gemeentelijk terrein tijdens b.v. Jazz in Duke Town, een sportevenement o.i.d.
kan door de gemeente als eigenaar toestemming worden gegeven. Een vergunning is niet meer vereist. Wel zal bij de toestemming
de brandweer vooraf worden geļnformeerd.

 

Verblijf in tenten aan de waterkant tijdens het nachtvissen.

Door visverenigingen in de stad is toestemming gevraagd voor het plaatsen van kampeermiddelen ( tenten) aan de waterkant tijdens het vissen.
Deze moeten de visser bescherming geven bij slecht weer. Het verblijf aan de waterkant strekt zich soms uit over meerdere nachten..

 

Op basis van artikel 18 van de A.P.V, is het plaatsen van kampeermiddelen zonder vergunning ook aan de waterkant verboden.
Voorgesteld wordt hiervoor geen vergunning te verlenen omdat:

- de aanwezigheid van kampeermiddelen gedurende de nachtelijke uren, dikwijls gedurende

meerdere nachten kan leiden tot ongewenste ontwikkelingen c.q. overlast ( geluid,

vervuiling);

- een aantal viswateren in of dicht tegen woongebieden aan liggen en de aanwezigheid van

tenten tot sociaal onveilige gevoelens voor omwonenden en passanten;

- ontheffing verlenen voor dit verbod leidt tot een precedentwerking voor andere

activiteiten waarbij het verblijf in een kampeermiddel buiten het kampeerterrein gevraagd

wordt.

 

Vissers kunnen zich tijdens het nachtvissen ook beschermen tegen regen en wind door het plaatsen voor
daarvoor ontworpen grote parapluis met zijwanden.

 

§         Conclusie:

Er is geen aanleiding een afzonderlijk kampeerbeleid te formuleren. Volstaan kan worden met het handhaven van

vigerende bestemmingsplannen en eventuele nieuwe terreinen te regelen in de betreffende bestemmingsplannen.
In de regels van het bestemmingsplan kunnen aanvullende bepalingen worden opgenomen voor o.a. de inrichting
en het aantal kampeereenheden.

 

Het verbod tot het plaatsen van kampeermiddelen op de openbare weg c.q. in de openbare ruimte, buiten de daarvoor
ingerichte kampeerterreinen ligt besloten in artikel 18 van de APV. Eventuele aanvullende verbodsbepalingen

( slapen in de openbare ruimte of in geparkeerde kampeermiddelen) kunnen zonodig later in de APV worden opgenomen.

 

 

 

5)       Zienswijze portefeuillehouder

 

 

 

6)     Voorstel

 

 

- het oprichten en handhaven van kampeerterreinen te reguleren in bestemmingsplannen met

daarbij behorende regels;

- het verbod tot het plaatsen van kampeereenheden op de openbare weg c.q. de openbare ruimte

buiten de daarvoor ingerichte kampeerterreinen waaronder het plaatsen van tenten aan de

waterkant, te handhaven op basis van artikel 18 van de APV;

- wanneer ontwikkelingen met betrekking tot het slapen in het openbare gebied daar aanleiding

toe geven, de APV daarop aan te passen